Ach, Laukie

Ach, Laukie

Het mooie en moeilijke van een autistisch kind

Proloog

Verschillende delen uit dit boek zijn eerder verschenen in een artikelenserie door de schrijfster in het Haarlems Dagblad/Leids Dagblad. Journaliste Daniëlle Kraft kreeg er een eervolle vermelding voor van de Nederlandse Dagbladpers. Het boek bestaat uit twee delen: in het eerste deel beschrijft Daniëlle Kraft haar frustrerende tocht langs “witte jassen” met alle ups en downs en in het tweede deel komt Laura, de inmiddels als drievoudig gehandicapt gediagnostiseerde dochter van de schrijfster, ter sprake als lid van het gezin. Het boek is opgedragen aan haar twee andere kinderen, Juri en Aafke en aan haar man Jan en, ik citeer, ‘daarmee aan alle andere broertjes en zusjes, vaders en moeders die hun weg moeten zien te vinden met een kind in hun midden dat anders is, maar er wel gewoon bij hoort en er zo graag bij wil horen’.

Witte jassen

Laura wordt geboren, zestien maanden na haar broertje Juri, na een normale zwangerschap en zonder complicaties. Moeder is lange tijd de enige die zich zorgen maakt, ook al is er in het begin niks aantoonbaar mis: ze voelt gewoon dat er iets niet in orde is. Laura is laat met zitten, lopen en praten, maar nèt niet extreem laat. Ze begrijpt woorden, maar ze zegt ze niet. De tocht langs de witte jassen begint, maar brengt weinig soelaas. Wel steeds enge onderzoeken met koude instrumenten. Daniëlle begint zich af te vragen of het misschien aan haarzelf ligt en zoekt hulp bij de RIAGG, maar ze komt niet aan bod voor begeleiding.

Als Laura 2 jaar is, zegt een kinderneurologe “Uit mijn ooghoeken zie ik dat er met dit kind niets aan de hand is. U moet haar beschouwen als een bijzonder kind, dat bijzondere aandacht nodig heeft”. De ouders verlaten enigszins opgelucht het ziekenhuis. Maar Daniëlle’s broer, die audioloog is, reageert woedend: “Ze moet niet uit haar ooghoeken kijken, ze moet onderzoek doen!” De dossiers van de kort op elkaar volgende onderzoeken in het ziekenhuis stapelen zich op. Maar het wonderlijke is dat geen enkele onderzoeker gebruik maakt van de dossiers van zijn collega’s, zodat diverse onderzoeken steeds herhaald worden. Tot vervelens toe moeten de ouders aan elke onderzoeker opnieuw vertellen wat Laura allemaal niet kan. Eén handicap komt er uit de onderzoeken: Laura heeft een verstandelijke handicap. De schok is enorm. Maar ook het feit dat Laura naar een ZMLK-school moet komt hard aan. Toch blijkt deze school de beste keuze. Laura krijgt er structuur, veiligheid en vertrouwen en er zijn mensen die zich voor haar interesseren. De autistenleerkracht ontdekt autisme bij Laura, maar ze is natuurlijk niet bevoegd een diagnose te stellen. Als Laura bijna vijf is, wordt eindelijk de complete diagnose gesteld door de RlAGG: een drievoudige handicap: een taal/spraakstoornis, mentale retardatie, ofwel een verstandelijke achterstand, en aanverwant autistisch. Hoe gaan de ouders er nu mee om? Ze kiezen voor openheid, dus veel praten over de handicap. Geen zieligheid. Buurt en familie zijn op de hoogte. Dat geeft vertrouwen en begrip.

De plaats in het gezin

Broertje Juri heeft last van zijn zusje. Voor een jongen van bijna zeven is begrip nog te veel gevraagd. Maar dat betekent wel dat Daniëlle ongelooflijk moet schipperen tussen haar drie kinderen. Aafke, die geboren is toen Laura drie jaar was, moet af en toe in bescherming genomen worden. Laura straffen heeft geen zin, dat ontaardt in woede- en huilpartijen. Gelukkig is er af en toe gezinshulp en als Laura ook enkele weekenden naar het logeerhuis gaat, kent het gezin ook rustige momenten.

Als Laura 8 jaar is, komt het praten goed op gang, ook al blijft ze moeite houden met bepaalde letters en slaat ze lidwoorden en delen van woorden over. Ze doet vreselijk haar best om er vooral bij te horen: ze moet van zichzelf al die dingen kunnen die anderen ook doen, zoals schommelen, huppelen en fietsen. Het kost haar moeite haar motoriek te beheersen, maar ze zet door. En eenmaal bezig kan ze niet meer stoppen, of het nu schoppen, slaan, spugen, schelden of krijsen is, ze slaat door tot in het extreme. Laura’s gedragsstoornissen vormen een probleem in het gezin. Tot ze een keer een dieet krijgt en de rust in het gezin weer even terugkeert. Vooral melk is een boosdoener. Laura blijkt ook cara te hebben en epileptische stoornissen die haar tijdens haar slaap overvallen. Ze vertoont ook een dwangmatige fysieke agressie. Ze haalt uit naar anderen, maar ook naar zichzelf. Ze heeft een herhaaldwang, waarbij iedereen steeds zinnen van haar moet herhalen. En dan is er weer een periode dat ze thuis niet wil praten, alleen een soort koeterwaals dat niemand verstaat. Maar buiten de moeilijke fases is Laura gewoon een fijn en zorgeloos kind.

Conclusie

Ach, Laukie ( de troetelnaam voor Laura) is vlot en knap geschreven. Het boeit van het begin tot het eind. De moeder kruipt in de huid van Laura, maar ook in die van Juri en van Aafke en ze heeft met alle drie een band. Laura mag geen uitzondering zijn, maar toch, vaak kan het niet anders. Daniëlle is in de eerste plaats moeder, maar ze moet ook een maatje zijn én rechter, én ordebewaarder, én kostwinner. Ze schippert en laveert, maar weet het toch voor elkaar te krijgen dat de kinderen, ook Laura, naar elkaar luisteren. En haar man Jan relativeert en structureert en fungeert als huisman. Toch krijgt hun relatie er een flinke deuk door, maar aan het eind van het boek krabbelen ze beiden overeind.

Door het hele boek stroomt liefde, vooral sterk tot uiting gebracht in de persoonlijke gedichtjes. Daniëlle heeft als journaliste een sterk gevoel van “verwondering”, waardoor ze steeds bijzondere kenmerken ontdekt in haar kinderen. Ik zou het boek zeker willen aanbevelen aan ouders van gezinnen met brusjes en aan allen die met autisme te maken hebben. Onder toestemming van de uitgever wil ik deze boekbespreking graag afsluiten met dit nawoord:

Als er een lieve heer is daar boven of hier dichtbij
dan heb ik voor hem één vraag:
Houdt haar zonnig, alstublieft,
want als ze lacht is ze gelukkig, anders lacht ze niet.
Dat moet voor u toch niet zo moeilijk zijn?
Maar wij krijgen het alleen niet voor elkaar.
Daniëlle Kraft

Over de auteur

Autist administrator